Psychose, Agressie en Delictgedrag (PAD)
Het EFP voerde in 2010 een vooronderzoek uit voor een longitudinaal onderzoek dat zicht moet geven op de verschillen in en de effecten van behandeling van psychotische stoornissen in GGZ-instellingen, forensisch psychiatrische instellingen en penitentiaire inrichtingen.
Internationaal onderzoek wijst uit dat de behandeling van patiënten met een psychotische stoornis in de forensische psychiatrie betere resultaten oplevert dan in de GGZ. Forensische patiënten vertonen na behandeling minder psychotische symptomen, minder problematisch middelengebruik en minder agressief gedrag. Dit komt waarschijnlijk omdat de forensische behandeling zich niet alleen richt op de psychose, maar ook op het gedrag en delictrisico.
De eerste helft van het vooronderzoek bestaat uit literatuurverkenning, een globaal plan ontwerpen en een netwerk bouwen van deskundigen en deelnemende instellingen (GGZ, forensische psychiatrie en penitentiaire inrichtingen). De tweede helft bestaat uit het definitieve projectplan uitwerken en presenteren en de financiën realiseren. De rol van het EFP ligt op het gebied van het (mede) opzetten van het project, het bewaken van de voortgang, het aanleveren van een projectplan en het mede invullen daarvan. Ook neemt het EFP zitting in een door de Pompestichting te formeren adviesgroep, welke het project van inhoudelijk commentaar voorziet.
Op 30 september 2010 vond een bijeenkomst plaats bij het EFP te Utrecht over het onderzoeksvoorstel "Psychose, Agressie en Delictgedrag". Tijdens deze bijeenkomst is het onderzoeksvoorstel aangescherpt en aangepast, klik hier voor de update.
Dit voorstel is ontwikkeld door het EFP in samenwerking met de Pompestichting en het Academisch Centrum Sociale Wetenschappen te Nijmegen, na raadpleging van diverse deskundigen uit het veld van de Forensische Psychiatrie, het Gevangeniswezen en de Algemene Geestelijke Gezondheidszorg. Tijdens de bijeenkomst is het onderzoeksvoorstel verder ingekaderd en er is een aanzet gedaan om tot afronding en vaststelling van het onderzoeksvoorstel te komen. Ook is onderzocht hoe we met elkaar kunnen komen tot (kleinere) samenwerkingsverbanden op een aantal door het veld ingebrachte additionele onderzoeksvragen. Op dit moment zijn er al 12 onderzoeksvragen ontvangen; wellicht volgen er nog meer.
Er is een kort Engelstalig verslag van deze bijeenkomst beschikbaar>>
Update:
In het afgelopen half jaar is contact gezocht met prof. van Os, om advies te vragen over het (concept) onderzoeksvoorstel.Na lezing van het (verkorte) voorstel heeft prof. van Os aanvullende suggesties gegeven ter verbetering van het onderzoeksdesign, gericht op beantwoording van de onderzoeksvraag over de relatie tussen uitkomst en het toepassen van risicotaxatie en risicomanagement in de behandeling van patiënten met schizofrenie.
Voor vragen en of opmerkingen hierover kunt u contact opnemen met Yvonne Bouman (y.bouman@pompestichting.nl).
